Beleggen op allerlei manieren

De mogelijkheden rondom beleggingen nemen in rap tempo toe. Het is mogelijk om op allerlei manieren om te  gaan met je vermogen. Een goede kijk op zaken is daarbij van essentieel belang. Het voorkomt dat je visie verloren gaat.

Wie reëel wil beleggen kan zeker wat beleggingstips gebruiken. Het internet staat gelukkig vol met uitleg over beleggen. Hieronder enkele hoogtepunten.

manieren-van-beleggenBeleggen in Telecom

De telecommarkt is zeer interessant voor beleggers. Investeren in mobiele bedrijven en kabelexploitanten kan veel rendement opleveren. Het is een verantwoorde wijze van beleggen, die door veel mensen wordt gebezigd.

Je kunt aandelen kopen op de beurs en op die manier het geld zien groeien dat je hierin investeert. Zeker als de Telecommarkt aantrekt kunnen de verdiensten zeer de moeite waard zijn.

Beleggen in obligaties

Staatsleningen hebben een lager rendement, maar zijn vrijwel altijd succesvol. Als je belegt in obligaties (staatsleningen) geef je de overheid de beschikking over je geld. Het wordt dan gebruikt om het land te versterken, maar zal op den duur ook rendement opleveren. Niet veel, maar voor de geduldige belegger zeker de moeite waard.

Beleggen blijkt immers nog altijd beter dan sparen.

Geld op internet verdienen

Liever op een andere manier je vermogen zien groeien? Er zijn genoeg websites op internet te vinden die je helpen om geld te verdienen. Als je je hierin verdiept, zal je leren dat je ook zonder risico te lopen geld kan verdienen.

 

 

Advertenties

Beleggingsvormen

Aandelen

Een aandeel is een risicodragende deelneming in het kapitaal van een onderneming
Een aandeelhouder stelt geld ter beschikking aan een onderneming. Met dit geld koopt hij een stukje van de onderneming (een aandeel), hij wordt dus een klein stukje eigenaar van een bedrijf. Het gaat altijd om een vennootschap; bedrijven met een andere rechtsvorm hebben geen aandelen. Men kan ook meerdere aandelen kopen van een onderneming. Een aandeelhouder kan op twee manieren profiteren van zijn belegging: via het dividend en koerswinst.
Dividend is een jaarlijks variërende hoeveelheid geld die door de onderneming wordt uitgekeerd aan de aandeelhouders. Meestal gebruikt het bedrijf een deel van de winst om dividend uit te keren. Als het bedrijf dan veel winst maakt kan er een hoog dividend worden uitgekeerd. Als de onderneming weinig winst of verlies maakt dan kan het dividend lager zijn of helemaal niets. Daarom zoekt een aandeelhouder een onderneming met een goede winstverwachting. Maar toch kan een bedrijf dat verlies maakt dividend uit keren. Dat geld komt dan uit de reserves die zijn opgebouwd in betere jaren. Veel bedrijven kiezen er tegenwoordig echter voor een keuzedividend. De aandeelhouder mag dan kiezen: óf het geld óf het geld in de vorm van aandelen in de onderneming (stockdividend). Dit is voor een bedrijf aantrekkelijker.
De marktprijs van een aandeel wordt de koers genoemd. Als de vraag naar een bepaald aandeel toeneemt dan stijgt de koers van het aandeel. Dan word je ingelegde geld meer waard. Maar natuurlijk kan de vraag naar een bepaald aandeel ook afnemen. Dan wordt het aandeel minder waard en lijd je koersverlies. De vraag naar een aandeel wordt bepaald door de vooruitzichten van dat bedrijf en het vertrouwen in de economie.
Voorbeeld:
De heer Zwaneveld koopt 6 aandelen Heineken en betaalt per aandeel €40. Doordat het vertrouwen in de markt waarop Heineken deelneemt groot is en het bedrijf zegt dat het veel nieuwe producten zal gaan uitgeven, neemt de vraag naar deze aandelen toe. De koers stijgt nu bijvoorbeeld naar €55. Als de heer Zwaneveld nu zijn aandelen verkoopt maakt hij per aandeel €15 winst. Maar ook krijgen alle aandeelhouders van Heineken €5 dividend. Dus dan heeft de heer Zwaneveld al €20 per aandeel winst gemaakt.

Obligaties

Een obligatie is een schuldbrief die wordt uitgegeven door de overheid of door een particuliere onderneming voor de meestal langere termijn.
Met een obligatie geef je ook geld aan een bedrijf, maar zonder mede-eigenaar te worden. Hier gaat het dus om een lening. De beleggers die geld uitlenen krijgen als beloning een rente. Het risico dat een obligatiehouder loopt is dat het bedrijf in financiële moeilijkheden komt waardoor deze niet meer in staat is om zijn verplichtingen na te komen. Je weet van tevoren hoe lang de lening loopt en hoeveel rente je krijgt. Hierdoor ben je minder afhankelijk van het reilen en zeilen van een bedrijf dan een aandeelhouder.
Niet alleen bedrijven maar ook (overheid)instellingen kunnen obligaties uitgeven. Een bekend voorbeeld daarvan zijn de staatsleningen.
Het lijkt misschien een beetje alsof het hetzelfde is als sparen. De obligatiehouder krijgt tenslotte een vaste rente vergoeding. Het enige verschil is dat obligaties, net als aandelen, worden verhandeld op de beurs. En dat betekent dat je koerswinst kunt maken.
Voorbeeld:
Je hebt voor €450 een obligatie gekocht die 7% per jaar uitkeert, De marktrente daalt van 7% naar 6%. Je obligatie geeft een hogere rente dan nieuwe obligaties. Gevolg is dat beleggers meer voor je obligatie willen betalen, bijvoorbeeld €500. Je hebt dan een koerswinst van € 50.
Er is sprake van waardedaling van je obligatie als de marktrente boven je obligatierente stijgt.

Opties

Een optie is het recht tot koop of verkoop van een bepaalde onderliggende waarde, gedurende een bepaalde termijn, tegen een vooraf vastgestelde prijs.

Met een optie krijg je het recht om iets te kopen of te verkopen.voor dit recht betaal je een bepaald bedrag. Hoe groter de kans dat je winst kunt behalen, hoe hoger de prijs. Is de kans echter klein dat de optie ooit geld gaat opleveren, dan is de optie goedkoop.
Het recht om iets te kopen is een calloptie; het recht om iets te verkopen is een putoptie. Een optie bestaat altijd uit honderd stuks van de onderliggende waarde.

De calloptie
Hiermee krijg je het recht om tot een vastgelegd tijdstip (altijd een derde vrijdag in de maand) iets te kopen tot een vastgelegde tijdstip tegen een vastgestelde prijs.
Bijvoorbeeld een calloptie Koninklijke Olie nov. 150, geeft je het recht om tot de derde vrijdag van november honderd aandelen Koninklijke Olie te kopen à €150 per aandeel. Als de beurskoers van het aandeel in die periode op €155 komt, kun je een mooie winst maken door de optie uit te oefenen en de honderd aandelen te kopen. Daarna verkoop je de aandelen door en maak je een winst van 100 x €5 = €500.
Andersom kan natuurlijk ook, dat betekent dat de beurskoers de hele periode onder de €150 blijft. De calloptie is dan waardeloos.

De putoptie
Eigenlijk is de putoptie precies het tegenovergestelde van een calloptie. Bij een putoptie koop je namelijk het recht om je aandelen tot een vastgesteld tijdstip (weer altijd een derde vrijdag in de maand) te verkopen tegen een vastgesteld bedrag.
Een putoptie Koninklijke Olie nov. 150 geeft het recht om tot de derde vrijdag van november 100 aandelen te verkopen tegen €150 euro per stuk. Als de beurskoers op een moment binnen de periode tot die vrijdag in november €140 is, maak je een mooie winst. Je koopt namelijk de 100 aandelen op de beurs en verkoopt ze door voor €150. zo maak je een winst van
100 x €10 = €1000. als de koers stijgt is de putoptie waardeloos.

Valuta’s

Beleggen in geldsoorten van binnenland en buitenland. Deze manier heeft een groot risico en kans op hoge rendementen. De buitenlandse valuta heet ook wel de vreemde valuta. Een voorbeeld is natuurlijk de dollar. Als je dit gaat doen, handelen in vreemde valuta’s, moet je goed weten hoe de economie in het land zelf is.

Beleggen in onroerend goed

Dit betekent dat je belegt in huizen, landgoederen enz.

Edele metalen

Handelen in metaalsoorten (goud, zilver etc.), waarbij je winst kunt maken als de prijzen van de door jou gekochte metalen stijgen.

Grondstoffen

Denk aan olie, cacao en tarwe.